1 tot 3 jaar
Een peuter kiest niet zelf om te logeren; het gebeurt omdat het moet, bij opa en oma of bij een tante. Het gaat dan niet om moed, maar om vertrouwen: dat de wereld nog klopt als jij er niet bent. Peuters logeren het beste bij mensen die ze vaak zien en die weten hoe thuis het slapen gaat.
Wat je kunt zeggen: heel weinig, en vlak van tevoren. Jij slaapt bij oma. Mama komt morgen. Vertel het pas de dag ervoor; een peuter kan niet wachten en niet vooruitdenken, dus eerder vertellen levert alleen onrust op. Geef opa en oma de avondroutine precies door: welke knuffel, welk liedje, welke laatste zin, of de deur op een kier staat.
Wat je beter niet doet: veel bellen. Jouw stem horen zonder dat je er bent, is voor een peuter verwarrend en maakt het slapen zwaarder. Vraag liever aan opa en oma om een berichtje te sturen. Blijf ook niet zelf te lang hangen bij het brengen, en ga niet stiekem weg. Een kort, duidelijk afscheid werkt het best.
Wat het verhaal doet: een verhaal voor een peuter over logeren is kort en veilig, met herhaling. Je kind slaapt bij oma, doet daar iets fijns, en dan komt mama of papa weer. Dat laatste is de kern. Lees het in de dagen ervoor voor, en geef het mee zodat oma het ook kan voorlezen; de illustraties zijn dan al bekend.

